Doelstellingen


De vriendenorganisaties die aangesloten zijn bij de NFVM steunen instellingen die cultureel erfgoed beheren en behouden op verschillende manieren. Ze genereren donaties, zijn actief in vrijwilligerswerk of houden zich bijvoorbeeld bezig met promotionele activiteiten. De Nederlandse Federatie van Vrienden van Musea (NFVM) brengt deze organisaties samen. De verenigde vriendenorganisaties ondersteunen instellingen die het erfgoed toegankelijk maken voor publiek in de vorm van een museum, archief, gebouw of tuin.

Diversiteit van vriendenorganisaties

Er is sprake van veel diversiteit onder de vriendeninstellingen. Deze verschillen komen naar voren in de eigendommen van de organisatie, het ledenaantal, het aantal bestuursleden, de mate van betrokkenheid van de instelling bij het initiatief, en het verschil op het gebied van doelstelling.

Doelstellingen van vriendenorganisaties

De diversiteit van de vriendenorganisaties uit zich ook in de verschillende doelen die een organisatie kan nastreven. De meest voorkomende doelstellingen zijn:

  • Creëren van een maatschappelijk draagvlak voor het initiatief;
  • Verschaffen van financiële steun;
  • Organiseren van vrijwilligerswerkzaamheden;
  • Werven van sponsors, bedrijfsvrienden en subsidies vanuit overheden en fondsen;
  • Promoten van het initiatief;
  • Trends en ontwikkelingen signaleren binnen de achterban en samenleving.

Ontstaan van de vriendenorganisaties

Een eerste structurering door de NFVM eind jaren ’90 leidde tot een overzicht van ruim 550 vriendenorganisaties in Nederland met in totaal ruim 200.000 donateurs. In 1842 is de oudste vriendenorganisatie opgericht en vanaf dat moment zijn de organisaties constant in ontwikkeling.

De beweegredenen van deze vriendenorganisaties zijn erg divers. De organisatie die als eerste is ontstaan is de ‘Vereniging Dordrechtsch Museum’. De organisatie die in 1842 voet aan de grond kreeg, werd opgericht met het doel een collectie te vormen. Pas na het ontwikkelen van een collectie ontstond het Dordrechtsch museum. Ook tegenwoordig vindt deze situatie plaats en verenigen geïnteresseerden zich in een vriendenorganisatie, om zo samen een nieuw museum te kunnen oprichten.

Een ander motief voor het oprichten van een vriendenorganisatie is als onderdeel van een overlevingsstrategie. Dit valt vooral terug te zien bij orkesten zoals bij de ‘Vereniging van Concertgebouw-Vrienden’. In 1935 kwam deze vereniging voort uit het Initiatiefcomité waarin belanghebbende musici zich verenigden, om meer publiek te winnen voor het Concertgebouw. Recenter is het voorbeeld de ‘Vereniging van Vrienden van de Amsterdamse Hortus’. In het jaar 1986 ontstond deze vereniging om financiële steun te bieden aan hun stichting.

Vriendenorganisaties worden ook opgericht om de naamsbekendheid van het museum te vergroten. In 1994 is in Eindhoven de stichting ‘Vrienden van het Van Abbemuseum’ opgericht met als doel het museum meer regionale en nationale bekendheid te geven.

De laatste reden voor het oprichten van een vriendenorganisatie is het delen van de gemeenschappelijke interesse voor een bepaald onderwerp. Een voorbeeld hiervan is de oprichting van de zogenoemde Oudheidkamers die affiniteit hebben met de regionale geschiedenis. De leden van dit type vriendenorganisatie verzamelen alles wat met hun interessegebied te maken heeft en voeden hiermee de musea. De leden zitten vol passie en enthousiasme en delen dit graag met elkaar en met anderen.